Gepost op

Oogsten


Het mooiste moment in de moestuin is dat waarop je kunt gaan oogsten. Of nee, het moment waarop je aan tafel de eerste hap van je eigen groenten neemt. Of misschien was het toch al het moment waarop het eerste groen uit de grond kwam, het bewijs dat het zaad is uitgekomen.

Er zijn dus eigenlijk vele mooie momenten in de moestuin, maar uiteindelijk draait het toch wel om die oogst. Nadat je hebt genoten van het tere groen, de bloemetjes en de vruchtjes, en blij bent dat je gewas niet ten prooi is gevallen aan een of ander stuk ongedierte, is het prachtig om naar je tuin te gaan met geen ander doel dan je zelfverbouwde groenten en fruit in een tas te doen om ze te transporteren naar je keuken.

Ik moet eerlijk bekennen dat ik mijn oogst tot nu toe vooral heb te danken aan de huurders vóór mij. Zij hebben bessenstruiken, aardbeien en rabarber in de tuin gezet en zonder er iets voor te hoeven doen – behalve dan een net spannen tegen de vogels – heb ik daar dit voorjaar al heerlijk van gegeten. Mijn eigen oogst is tot nu toe beperkt gebleven tot een stuk of tien radijsjes. Niet voor niets worden zij de ambassadeurs van de moestuin genoemd, want radijs zaaien kan echt níet mislukken. Daarmee kun je dus iedereen enthousiast krijgen om zelf te gaan moestuinieren. Mits je van radijsjes houdt natuurlijk, en deze waren lekker pittig.

Mijn fruitbomen – ook een erfenis van voorgaande huurders – beloven nog een mooie oogst in het najaar en in de tussentijd doe ik mijn best om toch ook zelf iets uit de grond te krijgen. De peulen van de doperwten zijn al aardig opgezwollen, dus die moet ik maar eens plukken. Ook met de kapucijners schiet het op, de rode biet begint serieuze vormen aan te nemen en de eerste courgettebloemen zijn aan de planten verschenen. Ja, ik weet het, ik loop een beetje achter op andere tuinders. Dat komt ervan als je netjes de IJsheiligen afwacht en vervolgens in een strijd tegen de slakken verzeild raakt…